Selecteer een pagina

Tuin der Lusten detail stichtingJeroen Bosch is in veel opzichten een mysterieuze figuur. Natuurlijk, omdat er vrij weinig bekend is over zijn leven, maar ook vanwege de bijzondere beeldspraak in veel van zijn schilderijen. Na 500 jaar zijn de kunsthistorici het vooral oneens met elkaar over de bedoelingen van Bosch in zijn schilderijen. Veel speculaties zijn in de loop der jaren losgelaten op de Middeleeuwse schilder. Hij zou waanzinnig zijn geweest, aan de drugs, een dronkaard, een aanhanger van de religieuze sekte de Adamieten of een aanhanger van een andere religieuze sekte, de Catharen. Iedereen kan roepen wat hij wil, want bewijzen zijn niet meer te vinden.

In het boek gaat de schrijver niet diep in op de mystiek van de schilderijen van Bosch. Dat laat hij over aan kunsthistorici. Wat wel aan bod komt, zijn de mysteries rond het leven van de schilder en de sporen die hij in zijn stad heeft achtergelaten. Waar is hij geboren, waar heeft hij zijn jeugdjaren door gebracht, waar ging hij naar school, waar heeft hij gewerkt en waar is Jeroen begraven?

Tuin der Lusten
Maar ook is er aandacht voor de talrijke mysteries rond de Tuin der Lusten. Het bekendste, mooiste en mogelijk ook duurste schilderij van Jeroen Bosch. De Tuin der Lusten is het pronkstuk van het gerenommeerde Prado in Madrid. De laatste tijd is er veel onenigheid tussen Spaanse organisaties over het eigendomsrecht van het schilderij, dat wellicht honderden miljoenen waard is. De auteur gaat in zijn boek in op de strijd over de Tuin der Lusten. Hoe is het prachtige en enorme (4 x 2.20 meter) schilderij in Spanje terecht gekomen en wie is nu eigenlijk de eigenaar van Bosch’ meesterwerk.

De werkelijkheid lijkt een prima basis voor een boek als de Da Vinci Code. De historie van de Tuin der Lusten is bijna magisch. Helaas hebben de rechtmatige eigenaren honderden jaren geen actie ondernomen, waardoor het prachtige kunstwerk nu in Madrid hangt en niet in het Rijksmuseum of, nog beter, in het Noordbrabants Museum. Lees er alles over in ‘Jeroen Bosch voor Beginners’.